Info

Hoe maak je een goede indeling voor je verslag?

 

  • Voorkant
    titel, je naam, datum, betreffende vak waarvoor het werkstuk wordt gemaakt, leerling- of 
    studentnummer
    
    
  • Inhoudsopgave
    voor het benoemen van alle onderdelen van inleiding tot bronvermelding
    
    
  • Voorwoord 
    kort verhaaltje, wordt meestal achteraf geschreven
    Je kan bijvoorbeeld benoemen waarom je het werkstuk hebt gemaakt en/of iemand bedanken die je 
    heeft geholpen.
    
    
  • Inleiding
    opbouw van je werkstuk: probleemstelling, deelvragen, samenvatting en conclusie
    Wat is je probleemstelling en hoe heb je deze onderzocht? Benoem stuk voor stuk de deelvragen van jeonderzoek en vertel in welke hoofdstukken je deze gaat benoemen. Tenslotte geef je aan dat er een samenvatting en een conclusie volgen, waarin je antwoord zal geven op de hoofdvraag en de deelvragen van je onderzoek. 
    
    De inleiding schrijf je pas als het werkstuk helemaal af is.
    
    
  • Hoofdstukken
    per deelvraag 1 hoofdstuk, eventueel in paragrafen indelen
    Zet de hoofdstukken in volgorde van onderzoek, zodat ze een logische opbouw vormen naar de 
    samenvatting en conclusie. Bedenk per hoofdstuk een titel of gebruik een deelvraag als titel voor je 
    hoofdstuk.
    
    
  • Samenvatting
    opsomming van probleemstelling, deelvragen en de antwoorden op de deelvragen
    In een kleiner werkstuk kan je de samenvatting opnemen in de conclusie. Het antwoord op de 
    hoofdvraag volgt altijd in de conclusie.
    
    
  • Conclusie
    een duidelijk antwoord op je probleemstelling
    Soms bestaat het antwoord slechts uit een paar zinnen, soms is het antwoord veel langer.
    
    
  • Nawoord
    kort en bondig
    Als je geen voorwoord hebt opgenomen in je werkstuk, kies je voor een nawoord.
    
    
  • Bronvermelding
    bibliografie (bronnen welke je gelezen en bestudeerd hebt, denk ook aan een interview) in 
    alfabetische volgorde op achternaam van de auteur.
    
    
  • Verwijzingen
    door middel van citaten of verslag geven van wat een auteur in een bron weergeeft
    Wanneer je iemand citeert (letterlijk overneemt wat iemand zegt) zet je de betreffende tekst altijd 
    tussen aanhalingstekens. Daarachter kan je tussen haakjes de naam van de auteur zetten samen met 
    het jaar van uitgave van de bron en het paginanummer. Je zou in plaats van de bronvermelding een 
    voetnoot kunnen plaatsen. Dit is een tekentje onderaan de pagina waarop ook het citaat vermeld 
    staat. Dit zou de leesbaarheid van je tekst kunnen verbeteren.